Bellen blazen in de tijd
Als ik de buzz op internet mag geloven, zijn wetenschappers in Zwitserland op dit moment bezig met het empirisch vaststellen dat het x91God-deeltjex92 bestaat. Een bezigheid met een bijzondere lading, niet in de laatste plaats door de naam van dat kleine deeltje (overigens is dat weer een mooi voorbeeld van toeval in het universum, want Higgs, de man die het deeltje bedacht heeft, wilde het deeltje het godverdomme-deeltje noemen, en dat was te lang dus werd het afgekort). Maar ook zonder die bizarre en theologisch geladen naam, voelt het bijzonder om te denken dat we misschien wel leven in een tijd die vergelijkbaar is met het moment dat Archimedes in bad stapte, Newton een appel op zijn hoofd kreeg, of Einstein een kompasnaald naar het noorden zag wijzen. Een tijd waarin ons begrip van de wereld, het universum en de rest verandert. Want met het bestaan van het God-deeltje, zal ons begrip van massa, van energie, van zwaartekracht en ook van tijd, wel eens drastisch kunnen wijzigen.
Misschien is het de invloed van deze x91wetenschappelijke fluxx92 dat ik me de laatste dagen steeds meer een tijdreiziger voel. Misschien heb ik wel een onderdeel ontdekt van de nieuwe natuurkundige orde die aan de horizon verschijnt. Ik weet het niet. Maar ieder jaar om deze tijd, zo eind april, vraag ik me af hoe dat nu zit met dat rare verschijnsel Tijd.
Want tijd, die verstrijkt. Of zoals Herman van Veen het zo mooi kon uitdrukken: x93De tijd tikt de uren van de klok, de ruiten van je rok, en als jij nu nog niet komt, moet ik zeggen, dat je veel te laat bentx94. De tijd brengt ons van een punt, naar het volgende, steeds verder vooruit en nooit terug. De vrouw in het liedje van Herman kan niet gewoon heel lang wachten, en dan opeens net te vroeg zijn. Ondanks dat de klok rond is, is de tijd dat niet. Maar is dat zo? Want zo eind april, begin mei, lijkt de tijd wel rond. Of liever gezegd, er lijkt een bubbel, een wormgat, in de tijd te ontstaan. Om mij heen is het 28 april 2011, maar ook 28 april 2004. En 28 april 2009, 2010. Ik zie op deze dagen, wat ik de rest van het jaar niet merk: de dag van vandaag is niet alleen verbonden met gisteren en morgen, maar dwars daarop, als een tweede as zeg maar, ook met vorig jaar en de jaren daarvoor.
Ik zal het illustreren: ik loop de honden uit te laten, duidelijk vandaag. Maar als ik een vogel hoor zingen in de stilte van de ochtend, zie ik opeens wat ik op 28 april 2004 deed. Hoe normaal de wereld toen nog was. Hoe Pip* toen nog leefde in mijn buik, hoe ik niet wist wat er zou gaan gebeuren. Als ik de SRV wagen langs zie lopen, ben ik in 2005, toen ik diezelfde kar x96 met dezelfde bestuurder en meerijdende en kletsende echtgenote x96 voorbij zag komen. Dat jaar was de SRV wagen voor mij een hatelijk symbool van de voortschrijdende tijd, van een wereld die geen rekening hield met mijn verlies, met de verstomming van mijn wereld. De man van de SRV wagen reed daar maar, net als het jaar daarvoor. Alsof de wereld ondertussen niet volledig op zijn kop was gaan staan.
Een voorbijgaande auto met luide muziek trekt me uit deze dag, door naar 2008. Ik loop over de kermis, op weg naar een werkbijeenkomst. De luide muziek en vrolijke mensen vormen een schril contrast met mijn verdriet, mijn gemis. Ik koop een regenboogkleurige zuurstok en ga verder naar mijn werk. De lineaire tijd dringt dat jaar al meer door in mijn bubbel van stilte, van verleden. In 2009 had ik zelfs op deze dag mijn afscheidsfeestje, zodat mijn bubbel van verleden helemaal omkapseld werd door de dag van vandaag. Maar toch, de twee tijdsbelevingen bleven ook dat jaar naast elkaar bestaan.
Vandaag loop ik met de honden het gebruikelijke rondje. Als tijd echt rond zou zijn, in plaats van rechtlijnig, zou ik mijn voetstappen van gisteren en eergisteren kunnen volgen. Maar x96 zo zijn de wetenschappelijke inzichten op dit moment tenminste x96 ik loop gewoon alleen maar over stoeptegels, op weg naar de volgende seconde en seconde. Zoals Herman in zijn liedje eindigt: x93De tijd tikt je leven zo voorbij, heel verdrietig en heel blij. En de haan kraait alsmaar, Goedemorgenx94. Een mooi staaltje van lineair denken, waar ik de laatste dagen van april en de eerste dagen van mei, geen zak van geloof. Laat dat God-deeltje maar komen, ik ben er klaar voor!
